Nieuwe Europese ELV-verordening zet volop in op meer circulariteit in de voertuigketen

De EU trekt de kaart van circulariteit in de voertuigsector. Met de nieuwe End-of-Life Vehicles (ELV)-verordening komt er één uniform en rechtstreeks toepasselijk kader voor de volledige levenscyclus van voertuigen – van nieuwe, over tweedehands tot afgedankte voertuigen, en van ontwerp en productie tot inzameling, verwerking en export.
De verordening werd op 24 juli 2026 gepubliceerd en is van toepassing vanaf 1 september 2028. We schetsen in dit artikel een aantal van de belangrijkste krachtlijnen uit de ELV-verordening. De volledige tekst van de verordening kunt u hier lezen.
De regels gelden voor personenwagens en lichte bestelwagens en breiden gefaseerd uit naar andere voertuigcategorieën, zoals vrachtwagens, bussen en motorfietsen.
Circulariteit begint bij het ontwerp
Fabrikanten moeten al bij het ontwerp inzetten op circulariteit. Voertuigen moeten zo ontworpen zijn dat bij afdanking minstens 85% van hun materialen herbruikbaar of recycleerbaar is en 95% nuttig toegepast kan worden.
Het gebruik van gerecycleerd materiaal wordt verplicht. Zes jaar na publicatie moet minstens 15% van de kunststoffen uit gerecycleerd materiaal bestaan, na tien jaar 25%. Minstens een vijfde daarvan moet afkomstig zijn uit afgedankte voertuigen zelf. Voor staal, aluminium en kritieke grondstoffen volgen later doelstellingen.
Daarnaast wordt het gebruik van gevaarlijke stoffen ingeperkt en komen er nieuwe instrumenten, zoals een digitaal circulariteitspaspoort en een verplichte circulariteitsstrategie per fabrikant.
Aanpak van “verdwijnende voertuigen”
Jaarlijks verdwijnen miljoenen voertuigen van de radar in de EU. De verordening pakt dat aan. Er is nu een duidelijk onderscheid tussen tweedehands voertuigen en afgedankte voertuigen. Op cruciale momenten in de levenscyclus – zoals bij verkoop of schadebeoordelingen – moet nagegaan worden of een voertuig nog als tweedehands voertuig kan worden beschouwd of als afgedankt voertuig moet worden beschouwd.
Ook de export buiten de EU wordt strenger. Vijf jaar na publicatie mogen voertuigen niet alleen geen afgedankt voertuig zijn, ze moeten ook voldoen aan hun keuringsverplichtingen. Zo schuift de EU milieuproblemen niet langer door naar derde landen en houdt ze tegelijk waardevolle materialen binnen Europa.
Producent blijft verantwoordelijk
Producenten zijn verantwoordelijk voor de voertuigen aan het einde van hun levensduur. Dat kan collectief via organisaties die namens de producenten de inzameling en verwerking organiseren, zoals Febelauto in België, of via een door de overheid goedgekeurde individuele regeling voor zover de betrokken lidstaat die mogelijkheid voorziet. Differentiatie van milieubijdragen is nodig, onder meer op basis van de circulariteit van de voertuigen. Nieuw is een grensoverschrijdende verplichting: producenten blijven verantwoordelijk eender waar het voertuig in de EU wordt afgedankt.
Strengere regels voor inzameling en verwerking
Afgedankte voertuigen moeten ingeleverd worden bij een erkend centrum of ander toegestaan inzamelpunt. Onder bepaalde voorwaarden is dat kosteloos.
Erkende centra staan in voor het verwijderen van vloeistoffen en gevaarlijke stoffen (depollutie), ontmanteling en verwerking. Het demonteren van bepaalde onderdelen voor hergebruik of recyclage is voortaan verplicht. De verordening verduidelijkt wanneer gedemonteerde onderdelen niet als afvalstof beschouwd worden. Ze legt regels op over hergebruik, herfabricage, revisie en recyclage. Het shredderen van afgedankte voertuigen samen met ander schroot kan alleen onder strikte voorwaarden.
De bestaande doelstellingen van 85% hergebruik/recycling en 95% nuttige toepassing blijven behouden en worden aangevuld met een nieuwe doelstelling voor kunststofrecyclage van 30%.
OVAM als spil in het proces
OVAM speelde een cruciale rol in de totstandkoming van de ELV-verordening als Belgisch piloot namens de bevoegde federale en gewestelijke overheden. Samen met de permanente vertegenwoordiging leidde OVAM de onderhandelingen tijdens het Belgische voorzitterschap van de Raad van de EU. Ook daarna bleef OVAM als Belgisch piloot een belangrijke impact hebben op de verdere onderhandelingen.
In de komende implementatiefase zal OVAM verantwoordelijk zijn voor de Belgische coördinatie, de opmaak van een uitvoerend samenwerkingsakkoord tussen de gewesten en de aanpassing van de Vlaamse afvalstoffen- en materialenregelgeving.
Deel deze pagina:
Team pers & communicatie
- Adres
- Stationsstraat 110
2800 Mechelen
Route en bereikbaarheid - Telefoon
- 015284140