Afval recycleren
Huishoudelijk afval 2024
Natste jaar zorgt voor stijging huishoudelijk afval
De hoeveelheid huishoudelijk afval in 2024 bedroeg 2 973 614 ton of 433 kilogram per inwoner. Dat is een stijging van 13 kg per inwoner, bijna volledig toe te schrijven aan de toename van groenafval, gft-afval, houtafval en pmd-afval.
Een toename die OVAM niet alarmeert en zelfs enigszins verwacht was, gezien 2024 het natste jaar sinds de start van de metingen was. De hoeveelheid restafval bleef stabiel op 125 kg per persoon. De hoeveelheid ingezameld zwerfvuil steeg met 5,3% van 6621 ton naar 6969 ton. Positief nieuws is er dan weer van het recyclagefront. 71% van het huishoudelijk afval werd selectief ingezameld. Een recordhoeveelheid van 64,9% werd effectief gerecycleerd.
Zwerfvuil
Werkstraffen met positieve impact: veroordeelden ruimen 13 000 kg zwerfvuil op
OVAM en het Justitiehuis Antwerpen kondigen met trots de positieve resultaten aan van hun mobiele werkvloerproject. Deze samenwerking biedt veroordeelden de kans om hun werkstraf uit te voeren door zwerfvuil op te ruimen. Het project dat in het najaar van 2022 van start ging, loopt voorlopig tot december 2025 en heeft al een aanzienlijke positieve impact gehad op zowel de betrokkenen als de samenleving. Het voorbije jaar werd op die manier 13 000 kg zwerfvuil opgeruimd.
Jaarrapport handhaving zwerfvuil
Ook in 2025 bleef de handhaving op zwerfvuil een vaste pijler voor het Team Terreincontrole van OVAM. Gemiddeld waren 17 zwerfvuilhandhavers actief in heel Vlaanderen. Zij spelen een belangrijke rol in de Vlaamse ambitie om de hoeveelheid zwerfvuil tegen 2030 met 20% te verminderen. Sinds 2024 is deze handhaving, na een proefproject, structureel ingebed in de werking van OVAM. Daarbij werken de gewestelijke handhavers nauw samen met lokale besturen, die gratis een beroep op hen kunnen doen voor GAS-vaststellingen rond zwerfvuil.
Het team registreerde 910 handhavingsdagen en 3425 uren op het terrein, waaronder 46 evenementen. Dat is een lichte daling ten opzichte van 2024, vooral door een kleinere teamcapaciteit. Toch bleef de inzet doorheen het jaar stabiel. Tijdens alle acties samen voerden de handhavers 31 168 controles uit. In 25 948 gevallen stelden ze correct gedrag vast. Voor 5220 overtredingen werd een bestuurlijk verslag opgesteld. Met andere woorden: meer dan 83% van de gecontroleerde personen gooide afval correct weg. De grootste uitdaging blijft het fout wegwerpen van sigarettenpeuken. Bij meer dan 37% van de controles op peuken werd een overtreding vastgesteld.
De samenwerking met lokale besturen blijft daarbij essentieel. In 2025 werd 96% van de hoog risicogemeenten en centrumsteden bereikt, ruim boven de vooropgestelde doelstelling. Ook controles op evenementen blijven een vaste waarde binnen de Vlaamse aanpak van zwerfvuil.
Naast het werk op het terrein besteedt het team ook aandacht aan structurele afspraken met lokale besturen. Zo wordt onder meer gewerkt rond formele aanstellingen, duidelijke communicatie naar inwoners en afspraken over hoe om te gaan met agressie. Dat is cruciaal om handhavingsacties veilig en doeltreffend te laten verlopen.
Regelgeving voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid
1. Eén sterk juridisch kader
Vandaag hanteert elk gewest zijn eigen UPV-regels voor productstromen zoals elektrische toestellen, zonnepanelen, batterijen, voertuigen, banden, olie en matrassen. Het samenwerkingsakkoord creëert één, juridisch sterker, interregionaal kader dat deze regels op elkaar afstemt. Zo wordt het eenvoudiger om producenten die nationaal actief zijn uniforme verplichtingen op te leggen.
In een volgende fase volgen per productgroep aparte uitvoerende samenwerkingsakkoorden om de praktische toepassing te harmoniseren. Deze aanpak vervangt deels de bestaande Vlaamse regelgeving.
Daarnaast worden drie nieuwe productcategorieën aangeduid waarvoor in de toekomst een UPV kan gelden: textiel, meubels en luiers. Voor textiel wordt die UPV intussen al verder uitgewerkt in uitvoering van de herziene Europese Kaderrichtlijn Afval.
2. Ook voor zwerfvuil betalen producenten mee
Het akkoord voert ook een regeling in voor UPV bij zwerfvuil: producenten van producten die bijdragen aan zwerfvuil, betalen mee voor de opruimkosten. Concreet gaat het om onder meer kunststof on-the-go-verpakkingen, blikjes, sigarettenpeuken, vochtige doekjes en ballonnen. Dit principe sluit aan bij de Europese SUP-richtlijn voor eenmalige plastics die via dit samenwerkingsakkoord gedeeltelijk wordt omgezet.
De nieuwe zwerfvuilheffing compenseert de kosten van overheden voor het opruimen van zwerfvuil en het leegmaken van vuilnisbakken. Voor alle Vlaamse gemeenten samen gaat het om ongeveer 61 miljoen euro per jaar. De totale zwerfvuilkosten in Vlaanderen worden geraamd op 164 miljoen euro (in 2021). Met dit akkoord dragen producenten dus 44% van die kosten, de overige 56% blijft ten laste van de overheid. Van die 44% nemen de producenten van de betrokken verpakkingen 29% voor hun rekening en tabaksproducenten 15%, in verhouding tot hun aandeel in het zwerfvuil.
De eerste heffing is verschuldigd in 2026 en moet op 15 april 2027 betaald zijn. Om gemeenten al in 2026 gedeeltelijk te vergoeden, is een voorafbetaling van 50% van het heffingsbedrag voorzien.
17% Vlaams zwerfvuil opgeruimd door zwerfvuilvrijwilligers
In 2024 rapporteerden alle lokale besturen samen 6969 ton, een stijging met 5,3%. Deze stijging blijft voorlopig beperkt. Aangezien dit pas de tweede meting is, is het nog te vroeg om te spreken van een trend. Verdere opvolging in de komende jaren zal meer duidelijkheid brengen over de evolutie op langere termijn. Hoewel de absolute cijfers een lichte stijging tonen, is er op relatieve basis sprake van een positieve ontwikkeling. Binnen het totale gewicht van het on the go-afval neemt het aandeel zwerfvuil op de grond af (van 33% naar 29%), terwijl de hoeveelheid afval die correct in straatvuilnisbakken wordt gedeponeerd, toeneemt (van 67 naar 71%).
>> Lees het rapport 'Zwerfvuilmonitoring 2024'
Mooimakers
Lenteschoonmaak 2025
Van 22 maart tot 6 april organiseerde Mooimakers de jaarlijkse Lenteschoonmaak. Tijdens de campagne ‘Hoe maak jij de lente schoon?’ riep Mooimakers burgers op om deel te nemen aan een opruimactie in hun buurt. 153 opruimacties werden geregistreerd via de Mijn Mooie Straat-app. In de periode van 1 maart t.e.m. 30 april 2025 registreerden zwerfvuilvrijwilligers ook 4269 individuele opruimsessies in 80% van alle Vlaamse lokale besturen.
Sensibiliseringsactie kust
Deze zomer sloegen Mooimakers en OVAM de handen in elkaar voor een proper strand. In Oostende en Blankenberge liep een proefproject dat strandbezoekers bewust wou maken van zwerfvuil, overtreders aanpakken én het effect van deze aanpak wou meten. Met gerichte acties zetten ze in op sensibilisering én handhaving aan de Belgische kust.
Wie al eens een avondwandeling maakt op het strand, weet hoe frustrerend het is om blikjes, peuken en plastiek in het zand te zien liggen. Onze kust verdient beter. Met deze actie willen we strandgangers niet met de vinger wijzen, maar wel responsabiliseren. Want een propere kust, dat begint bij ons allemaal.
Week van de Handhaving
Van 6 tot 12 oktober 2025 vond de negende editie van de Week van de Handhaving op zwerfvuil en sluikstort plaats. Deze jaarlijkse actie, gecoördineerd door Mooimakers zet in op verhoogde controles, sociale controle en bewustwording rond afval in het openbaar domein. In maar liefst 150 Vlaamse gemeenten werden verschillende acties op touw gezet. Alles samen kwamen daarbij 760 mensen in actie op het terrein.
Vorig jaar werden in Vlaanderen 27 209 GAS-boetes uitgeschreven voor zwerfvuil en sluikstort. Dat is 37% meer dan het jaar voordien en onderstreept zo de verhoogde pakkans voor vervuilers. Tijdens de handhavingsweek worden overtreders niet alleen beboet, maar ook aangesproken op hun gedrag. Positieve acties van burgers worden gewaardeerd, en ook wie geen handhavende bevoegdheid heeft, wordt aangemoedigd om bij te dragen aan de sociale controle.
De actie is een vast onderdeel van het Vlaamse zwerfvuilbeleid en wordt gedragen door lokale besturen, politiezones, toezichthouders en vrijwilligers. Sinds de eerste editie in 2016 is de Week van de Handhaving uitgegroeid tot een breed gedragen initiatief in heel Vlaanderen.
Operatie Proper
Operatie Proper schoot ook afgelopen najaar opnieuw uit de startblokken. Scholen en jeugdverenigingen konden hun actieplan indienen voor het schooljaar 2025-2026.
Met zo'n actieplan gaan de deelnemers de strijd aan tegen zwerfvuil. Kinderen en jongeren zijn de ultieme doelgroep om een duurzame gedragswijziging aan te leren. Met Operatie Proper kan je als school of jeugdvereniging een eigen traject op maat uitrollen voor een propere omgeving. Na een geslaagde uitvoering van het actieplan kunnen ze op het einde van het schooljaar een mooie beloning opstrijken.
Aan enthousiasme ontbreekt het niet: maar liefst 1325 actieplannen werden ingediend, 1029 daarvan komen via scholen en 296 van jeugdverenigingen
Lokale ondersteuning
Naast sensibilisering en het inzetten op kennis rond zwerfvuil en sluikstort, voorziet Mooimakers in de ondersteuning van lokale besturen. In 2025 liepen er 25 coachingtrajecten in 34 gemeenten. In coachingtrajecten begeleidt Mooimakers lokale besturen gedurende 3 jaar. Daarbij introduceren ze enkele beproefde maatregelen tegen zwerfvuil en sluikstorten in een lokaal bestuur. Daarnaast werden ook 30 vuilnisbakkenplannen uitgewerkt en 23 probleemlocaties aangepakt onder begeleiding van Mooimakers.
Terreincontroles
In 2025 voerde het team Terreincontrole in totaal 259 inspecties uit bij bedrijven. Daarbij controleerden ze of bedrijven verschillende afvalstromen correct inzamelden, verwerkten en afvoerden. Het ging onder meer om afgedankte voertuigen, elektrische en elektronische apparaten, matrassen, scheepsafvalstoffen, olie, banden en batterijen. Daarnaast keken de inspecteurs ook na of grondverzet correct werd uitgevoerd.
Naast terreininspecties voerde het team administratieve controles uit bij bedrijven die niet als invoerder waren aangesloten bij een beheerorganisatie zoals Bebat, Recupel, PV Cycle, Recytyre, Valorlub of Valumat. In 43% van de gecontroleerde dossiers werd een overtreding vastgesteld. In de meeste gevallen (88%) volgde een aanmaning of raadgeving. Ongeveer 10% van de overtreders kreeg een proces-verbaal of een verslag van vaststelling.
Stroomopvolgers
Binnen het team Terreincontrole werken ook zogenoemde stroomopvolgers. Zij richten zich specifiek op batterijen en afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (aeea). Stroomopvolgers zijn geen toezichthouders, maar focussen vooral op informeren en sensibiliseren. Dat doen ze in nauwe samenwerking met de beheerorganismen Bebat en Recupel.
In 2025 contacteerden de stroomopvolgers 113 bedrijven om na te gaan of de inzameling en rapportering van aeea correct gebeurde. Bij een aantal bedrijven gebeurde dat via een terreinbezoek, vooral bij schroothandelaars en containerdiensten. Daarnaast werden nog eens 113 bedrijven op afstand gecontacteerd via brief, mail of telefoon. Het ging om bedrijven die niet aangesloten waren als invoerder bij Bebat en/of
Recupel. In 72% van deze gevallen werd een overtreding vastgesteld. Om bedrijven beter te informeren en bij te sturen, verstuurden de stroomopvolgers in totaal 145 raadgevingen.
Strengere controles afgedankte voertuigen
In Vlaanderen wordt streng toegezien op de manier waarop we omgaan met afgedankte voertuigen. Verschillende instanties werken hiervoor samen: OVAM, de Omgevingsinspectie, lokale toezichthouders en de federale en lokale politie. Een samenwerking die loont want ze zorgt ervoor dat de regels beter nageleefd worden.
Waarom is handhaving nodig?
Helaas worden afgedankte voertuigen nog te vaak op de verkeerde manier behandeld. Ze worden bijvoorbeeld verkocht als tweedehandsvoertuig aan de hoogste bieder, zelfs als dat geen erkend centrum is. Als een voertuig afgedankt is, moet het verplicht naar een erkend centrum voor een correcte en milieuvriendelijke verwerking.
Ook tijdelijke opslag zonder vergunning, of op een onverharde ondergrond, komen vaak voor. Dat kan leiden tot bodem- en watervervuiling. En afgedankte voertuigen demonteren zonder eerst de schadelijke stoffen te verwijderen (depollutie), veroorzaakt niet alleen milieuverontreiniging, maar bemoeilijkt ook het recyclageproces.
Hoe vaak wordt er gecontroleerd?
In 2025 voerde OVAM 44 controles uit. Vaak gebeurde dat op vraag van lokale besturen of politie. De controles vonden plaats bij garages, schroothandels, slopers en ook bij particulieren. Bij 84% van de controles werden overtredingen vastgesteld. Dankzij deze gezamenlijke aanpak worden veel terreinen opgeruimd en gaan de afgedankte voertuigen alsnog naar een erkend centrum.
Link naar het volledige rapport
Bebat
Samen voor meer batterijrecyclage
Samen met Bebat zette OVAM ook in 2025 in op batterijrecyclage en sensibilisering. De campagnes Mission Possible en de Batter-ijsjes activeerden Vlaamse gezinnen om afgedankte batterijen in huis op te sporen en correct binnen te brengen. Dit droeg bij tot een verhoogde inzameling en versterkte het bewustzijn rond het belang en de meerwaarde van batterijrecyclage.
E-waste
België breekt record inzameling e-waste
In 2024 werd in België een recordhoeveelheid van 181 452 ton afgedankte elektrische en elektronische apparaten (aeea) ingezameld. Dat is een stijging van 10% ten opzichte van 2023. Deze opmerkelijke prestatie is het resultaat van een nauwe en efficiënte samenwerking tussen OVAM, BeWeee en Recupel.
Deze cijfers tonen aan dat een samenwerking tussen overheid en producenten loont. Dankzij de producentenverantwoordelijkheid geven we een boost aan gescheiden inzameling en recyclage. Bij elektrisch en elektronisch afval, dat boordevol kritieke grondstoffen zit, is dit is niet enkel een goede zaak voor ons milieu en onze veiligheid, maar ook voor onze strategische autonomie.
BeWee is een digitaal rapporteringsplatform dat zich inzet voor een betere monitoring en transparantie in de inzameling en verwerking van aeea. Via BeWeee kunnen inzamelaars, verwerkers en producenten op een gestandaardiseerde manier rapporteren over hoeveelheden en stromen van aeea. Dat maakt het mogelijk om beleidsmatig te sturen, fraude tegen te gaan en de Europese inzameldoelstellingen beter te halen.
Ook de toezichthouders en stroomopvolgers van OVAM spelen een belangrijke rol in het behalen van deze resultaten. Door gerichte opvolging, controle en sensibilisering werd het aantal rechtstreekse rapporteringen via BeWeee opgetrokken tot 45 515 ton, bijna zeven keer meer dan in 2017. In Vlaanderen alleen al kenden we door deze intense samenwerking in 2024 een stijging van 23%.