Storten en verbranden

Stort- en verbrandingsverboden

Om te vermijden dat nog recycleerbare of herbruikbare afvalstoffen worden gestort of verbrand bestaan er stort- en verbrandingsverboden.


Om te vermijden dat nog recycleerbare of herbruikbare afvalstoffen worden gestort of verbrand bestaan er stort- en verbrandingsverboden.

Er is een stort- en verbrandingsverbod voor afvalstoffen die door hun eigenschappen met de nu al beschikbare technieken in aanmerking komen voor hergebruik of voor recyclage. En een verbod voor het storten en verbranden van gemengde afvalstoffen die in aanmerking komen voor uitsortering.
Ook voor oude en vervallen geneesmiddelen en alle andere brandbare afvalstoffen geldt er een stortverbod.
 

Voor welk afval?

De stort- en verbrandingsverboden gelden zowel voor huishoudelijke afvalstoffen als voor bedrijfsafvalstoffen. De verboden zijn zowel van toepassing op storten en verbranden binnen Vlaanderen, als op de inzameling en afvoer voor storten en verbranden buiten Vlaanderen.

Waar in de wetgeving?

Artikel 4.5.1 en 4.5.2 van VLAREMA  (het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen) beschrijven de stort- en verbrandingsverboden.
Artikel 4.5.3 van VLAREMA  beschrijft de mogelijkheid om een afwijking van de verboden aan te vragen. Een afwijking kan aan de OVAM worden aangevraagd via Digipost.


Afwijkingen op de stortverboden in 2026

Bij ministerieel besluit van 22 december 2025 worden afwijkingen verleend op artikel 4.5.1 van het VLAREMA voor het storten van technisch niet-brandbare afvalstoffen; En in geval van sluiting van of onvoldoende capaciteit bij de Vlaamse verbrandingsinstallaties en alternatieve verwerkingsinstallaties en mits voorafgaande goedkeuring van de OVAM: voor het storten van de brandbare afvalstoffen die normaal in deze installaties verwerkt worden. De afwijking wordt verleend voor de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026, aan de volgende exploitanten met een maximum tonnage:
  • Categorie 2-stortplaats Hooge Maey te Antwerpen voor 15.000 ton
  • Categorie 2-stortplaats IMOG te Moen voor 6.000 ton
  • Categorie 2-stortplaats Vanheede te Rumbeke voor 9.000 ton

Afwijkingen op de verbrandingsverboden in 2026

1. Zes afwijkingen op het verbrandingsverbod voor niet ontpakte producten

Bij ministerieel besluit van 22 december 2025 wordt een afwijking verleend van artikel 4.5.2, §1 van het VLAREMA voor het verbranden van niet ontpakte producten. De afwijking wordt verleend voor de periode vanaf 01 januari 2026 tot en met 31 december 2026, aan de volgende exploitanten met een maximum tonnage:
  • Biostoom Beringen voor 500 ton
  • IMOG Harelbeke voor 150 ton
  • Indaver Antwerpen voor 2.500 ton
  • Indaver Beveren voor 1.750 ton
  • IVOO Oostende voor 250 ton
  • Sleco Beveren voor 500 ton
     

2. Vijf afwijkingen op het verbrandingsverbod voor huishoudelijk afval

Bij ministerieel besluit van 22 december 2025 wordt een afwijking verleend op de verbodsbepalingen van artikel 4.5.2.§1 van het VLAREMA voor het verbranden van gft-afval.  De afwijking wordt verleend voor de periode
  • van 1 januari 2026 tot en met 3 mei 2026 aan de exploitant IMOG voor huisvuil afkomstig van het werkingsgebeid van IVIO;
  • van 1 januari 2026 tot en met 3 mei 2026 aan de exploitant MIROM voor huisvuil afkomstig van het werkingsgebeid van IVIO;
  • van 1 januari 2026 tot en met 16 januari 2027 aan de exploitant IVM Milieubeheer voor huisvuil afkomstig van Knokke-Heist;
  • van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026 aan de exploitant IVOO voor huisvuil afkomstig in Oostende en Middelkerke;
  • aan de exploitant IVBO voor huisvuil afkomstig van het werkingsgebeid van IVIO en van Blankenberge,
    - voor de periode van 1 januari 2026 tot en met 3 mei 2026 voor huisvuil ingezameld in het werkingsgebied van IVIO;
    - voor de periode van 1 januari 2026 tot en met 14 maart 2026 voor huisvuil ingezameld in Blankenberge;

3. Eén afwijking op het verbrandingsverbod voor grofvuil ingezamed op de recyclageparken van de stad Brugge

Brugge rekent nog steeds niet de juiste tarieven door voor het verbranden van gofvuil ingezameld op de recyclageparken van de stad Brugge, waardoor dit grofvuil onder het vebrandingsverbod valt. Bij ministerieel besluit van 22 december 2025 wordt een afwijking verleend op de verbodsbepalingen van artikel 4.5.2.§1 van het VLAREMA voor het verbranden van grofvuil.  De afwijking wordt verleend voor een termijn van twee maanden voor de periode van 1 januari 2026 tot 1 maart 2026, en zal niet meer verlengd worden.
 

Stortplaatsen

Hebt u een vraag voor dit team? Stel ze hier:

Adres
Stationsstraat 110
2800 Mechelen
Route en bereikbaarheid