Grondstoffen in/als bouwstof via grondstofverklaring
Volgens de definitie van Vlarema is een bouwstof “een materiaal dat, naargelang de toepassing en voor zover beschikbaar, voldoet aan bouwtechnische geharmoniseerde Europese normen of standaarden, standaardbestekken, voorschriften van de Vlaamse overheid, gestandaardiseerde bouwtechnische specificaties of andere bouwtechnische voorschriften”. Kortom, een bouwstof is een materiaal dat gebruikt kan worden in de bouw waarbij het voldoet aan bepaalde technische regels of normen.
Om afvalstoffen te kunnen gebruiken als een bouwstof, moet het materiaal niet alleen voldoen aan bovenvermelde definitie maar moet het materiaal ook het statuut van 'gronstof' hebben. De catalogus van secundaire en gerecycleerde granulaten geeft een overzicht van mogelijke gebruikstoepassingen van veelvoorkomende materialen de het statuut van grondstof hebben verkregen.
De grondstofverklaring legt voorwaarden op waaraan de producent van grondstof moet voldoen en die de samenstelling, herkomst en kwaliteit verzekert en garandeert voor de gebruiker. Daarnaast legt de grondstofverklaring ook de voorwaarden op waaraan de gebruiker van de grondstof moet voldoen.
Kort gezegd: de grondstofverklaring let vast:
-
aan welke voorwaarden de producent moet voldoen
-
En onder welke voorwaarden de gebruiker het materiaal mag toepassen
Voorwaarden voor samenstelling en kwaliteit van de grondstof (voorwaarden voor de producent)
In de grondstofverklaring wordt nauwkeurig beschreven:
-
waar het materiaal vandaan komt
-
hoe het werd ingezameld, verwerkt of geproduceerd
-
wat de samenstelling is
De grondstofverklaring legt de grenswaarden op voor verontreinigingen.
Voor bouwstoffen die op of in de bodem worden gebruikt (vormgegeven en niet-vormgegeven toepassingen) wordt in de grondstofverklaring doorgaans het toetsingskader voor bouwstof opgelegd (onderafdeling 2.3.2. van VLAREMA). Afhankelijk van de herkomst, aard en samenstelling, de verontreinigingskarakteristieken en de behandeling die het materiaal ondergaat, kan de grondstofverklaring bijkomende dwingende waarden opleggen.
Een grondstofverklaring doet op zich geen uitspraak over de bouwtechnische karakteristieken van het materiaal. Maar uiteraard over de bouwtechnische karakteristieken van het materiaal. Maar uiteraard moet de aanvrager bij zijn aanvraag voor grondstofverklaring wel aantonen dat het materiaal voldoet aan de definitie van bouwstof en geschikt is voo rhet beoogde gebruikt van het materiaal.
Voorwaarden voor het gebruik van de grondstof (voorwaarden voor de gebruiker)
Onderafdeling 5.3.3. van het VLAREMA geeft de voorwaarden waaronder de gebruiker de grondstof kan toepassen. Deze voorwaarden kunnen, indien van toepassing, in de grondstofverklaring gespecifieerd worden of er kan via de grondstofverklaring van afgeweken worden.
Voorbeelden van voorwaarden voor het gebruik die kunnen opgelegd worden in de grondstofverklaring zijn
-
gebruik in een bepaalde receptuur (bv mengsel met minimaal percentage bindmiddel of in een toepassing met minimale druksterkte) of het beperken van het gebruik tot een specifieke toepassing,
-
het gebruik in een geïnventariseerd werk. (LD slakken, mijnsteen, zinkassen)
De voorwaarden in de grondstofverklaring zijn essentieel:
-
om milieurisico's en gezondheidsrisico's te vermijden
-
en om de mogelijkheid en de kwaliteit van recyclage op lange termijn (2de, 3de etc. leven) te garanderen
Team bouw
- Adres
- Stationsstraat 110
2800 Mechelen
Route en bereikbaarheid