Duurzaam materialengebruik
Preventie
Welke rol speelt afval- en materialenpreventie in een circulaire economie?
In december 2025 organiseerde OVAM, samen met Vlaanderen Circulair, het afval- en materialenpreventiecongres. Tijdens dit evenement stonden strategieën centraal die het gebruik van primaire grondstoffen terugdringen, verspilling voorkomen en herstel en hergebruik stimuleren. Die zijn cruciaal om de Vlaamse en Europese ambities rond grondstoffengebruik en milieu-impact waar te maken.
Het congres bracht een breed netwerk van partners en stakeholders samen. Zij wisselden inzichten uit over hoe afval- en materialenpreventie een sleutelrol speelt in de transitie naar een circulaire economie.
De toekomst van textiel
Wie tips & tricks wil om zelf duurzamer met textiel om te gaan of meer wil weten:
Voedselverlies
OVAM zet Vlamingen aan tot 30% minder voedselverlies
De Internationale Dag tegen Voedselverlies valt naar jaarlijkse gewoonte op 29 september. De Kostwinners van OVAM voerden afgelopen najaar opnieuw volop campagne om de Vlaming bewust te maken van het thema. Dat doen ze traditiegetrouw met heel wat praktische tips om minder voedsel te verspillen.
Maar er beweegt ook heel wat op vlak van beleid rond voedselverlies. OVAM droeg actief bij aan de onderhandelingen over dit Europese dossier. Een aangepaste wettekst treedt in België in werking in 2030. De doelstellingen?
- Een vermindering met 10% in de voedingsverwerkende industrie
- Een vermindering met 30% (in kg/inw.) in de detailhandel en distributie van voeding, in restaurants, cateringdiensten en huishoudens
OVAM waakt er met alle betrokken actoren over dat de doelstellingen voor Vlaanderen worden behaald. Door voedseloverschotten te vermijden, aankopen beter te plannen en te koken met restjes bijvoorbeeld. Daarnaast betekent dit dat huishoudens voedseloverschotten niet meer bij het restafval mogen gooien.
Wist u dat OVAM vandaag nog 40% voedselresten terugvindt bij het restafval, waarvan 53% nog eetbaar is?
Samen tegen voedselverlies met The Messy Chef en Broccoli uit The Masked Singer
Met een knipoog naar de ontmaskering van Broccoli in The Masked Singer vroeg OVAM via De Kostwinners opnieuw aandacht voor voedselverlies. Toen Broccoli niet langer de ster van de show was maar wél van de soep, lieten we zien dat er ook in onze (koel)kast nog heel wat te winnen valt. Door in te spelen op een populair tv-moment bracht OVAM het thema tot in de huiskamer en toonde het hoe verlies kan worden omgedraaid naar winst.
Dat is nodig, want in Vlaanderen belandt jaarlijks zo’n 900 000 ton eetbaar voedsel in de vuilnisbak, waarvan een kwart bij huishoudens (ofwel 3 tot 4 winkelkarren per gezin per jaar). Met De Kostwinners wil OVAM iedereen, van producent tot consument, betrekken bij die strijd, onder meer via samenwerkingen met massamedia en rolmodellen zoals The Masked Singer en The Messy Chef.
The Messy Chef, ofwel Jelle Beekman, eerde als jonge gast koken met wat er nog in de koelkast lag in hotel mama. Vandaag inspireert hij anderen om hetzelfde te doen: creatief koken met restjes.
Maak kennis met de Kostwinners
Hergebruik
Conferentie herbruikbaar cateringmateriaal legt actiepunten bloot
Tijdens de derde editie van de Conferentie herbruikbaar cateringmateriaal wisselden lokale besturen, overheden en de eventsector in Mechelen kennis en praktijken uit rond herbruikbare bekers en eetgerei. 330 deelnemers volgden 10 infosessies met een 30-tal experten en bezochten een standenbeurs met 33 aanbieders van herbruikbare systemen, wasoplossingen en waarborgsystemen.
Herbruikbare bekers zijn stilaan ingeburgerd, maar herbruikbaar eetgerei blijft organisatorisch en logistiek uitdagend. Praktijkcases (o.a. Sfinks, Pukkelpop, Rock Werchter, Gentse Feesten) toonden dat maatwerk in retour- en waarborgsystemen nodig is om hoge terugbrengpercentages te halen en kosten beheersbaar te houden. Waterpunten, tussentijdse afwas en verpakkingsarme organisatie blijken cruciale hefbomen.
Green Deal Anders Verpakt sluit feestelijk af
Na vier jaar liep het project Green Deal Anders Verpakt af, met een feestelijk slotevent in Leuven. Ruim 100 partners uit overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen (onder coördinatie van OVAM, Comeos, Fevia, Detic en VIL) werkten samen rond hergebruik en de vermindering van wegwerpverpakkingen. Gedurende het project werden verschillende pilootprojecten opgezet, variërend van herbruikbare maaltijdboxen en pizzadozen tot kratjes en navulstations, maar ook mogelijke oplossingen voor de e-commerce.
De projecten leverden concrete resultaten én inzichten op, onder meer over de drempels voor opschaling van herbruikbare verpakkingen en het belang van gebruiksgemak. In het licht van een nieuwe Europese verpakkingsrichtlijn die bedrijven verplicht om verpakkingsafval fors terug te dringen, vormt de Green Deal Anders Verpakt een belangrijke basis. Het is daarbij van belang om verder in te zetten op de randvoorwaarden voor succesvolle hergebruiksystemen: harmonisatie, inzamelinfrastructuur, hygiënenormen, schaalvergroting en gedragsverandering.
Kringloopsector in Vlaanderen blijft groeien
De Vlaamse kringloopsector boekte in 2024* sterke vooruitgang met een totale inzameling van 93 697 ton herbruikbare goederen, een stijging van 10% ten opzichte van 2023. Gemiddeld werd 13,7 kg per inwoner ingezameld: steeds meer burgers vinden de weg vinden naar kringloopcentra.
Het hergebruik steeg met 7% tot 42 881 ton, of 6,3 kg per inwoner, een belangrijke stap richting de Vlaamse doelstelling van 8 kg per inwoner tegen 2030. Vooral textiel toonde sterke groei in hergebruik (+32%). De hergebruiksindicator voor Vlaanderen (inclusief informeel en online hergebruik) werd in 2024 geschat op 32,04 kg per inwoner, wat bevestigt dat hergebruik via diverse kanalen verankerd is in het consumptiegedrag.
De groei is mee te danken aan lokale verankering, sociale tewerkstelling, samenwerking met lokale besturen en voldoende breng- en winkelpunten. Tegelijk blijven uitdagingen zoals personeelstekorten, dalende kwaliteit van ingezamelde goederen, behoefte aan betaalbare locaties en faire vergoedingen bestaan.
OVAM benadrukt dat duurzame consumptie een gedeelde verantwoordelijkheid is: producenten moeten circulair ontwerpen, overheden en onderwijs sensibiliseren, en consumenten impulsaankopen vermijden en vaker aan hergebruik denken.
* In 2025 ontvingen we de cijfers voor 2024. De cijfers voor 2025 zullen in de loop van 2026 beschikbaar zijn.
Op weg naar een asbestveilig Vlaanderen
In 2025 onderstreepten alle partijen in het Vlaamse Parlement het belang van een asbestveilig Vlaanderen. Via een parlementaire resolutie in maart riepen ze op het beleid te versterken en te versnellen. In een eerste principiële goedkeuring bestendigde de Vlaamse regering op 19 december de versnelling via nieuwe decretale bepalingen: een vervroegde mijlpaal 2030 waartegen jeugdgebouwen, scholen en werkgevers over hun asbestattest moeten beschikken. Vanaf 2030 zal de verhuurder bij het aangaan van een huurcontract ook een kopie van het asbestattest aan de huurder moeten bezorgen. Voor grote asbestdaken kan de Vlaamse Regering de bepalingen uitwerken voor verwijdering tegen 2034.
De uitdagingen zijn immers groot. Op basis van ruim 422 000 asbestattesten in de databank kon OVAM een nieuwe raming maken van het asbestpassief in Vlaamse gebouwen.
Uit de analyse van de attesten blijkt dat er vermoedelijk nog 3,18 miljoen ton in omloop is. Vooral voor woningen en appartementen bleek de raming uit 2019 een onderschatting. Voor scholen en landbouwbedrijven geeft de analyse aan dat het om minder asbest zou gaan (respectievelijk 35% en 57% minder).
De opvallendste vaststelling uit de analyse is dat twee derde van het passief aanwezig is in woningen en appartementen. Ruim twee miljoen eigenaars van woningen en appartementen beschikken nog niet over een asbestattest en zijn dus onwetend over waar de asbestrisico’s zich bevinden. Deze cijfers tonen het belang aan van de opmaak van asbestattesten, ook als er geen verkoop doorgaat. Asbest zit immers in veel meer materialen dan mensen doorgaans denken.
Een vernieuwd inspectieprotocol voor kwaliteitsvolle asbestattesten
Het asbestattest staat als instrument centraal in het asbestafbouwbeleid. Het maakt voor OVAM en gebouwgebruikers zichtbaar waar asbestrisico’s zitten in Vlaamse gebouwen en welke maatregelen nodig zijn om ze asbestveilig te maken. De kwaliteit van de asbestattesten is dan ook een topprioriteit voor OVAM.
OVAM heeft haar inspanningen op het gebied van kwaliteitsborging van het asbestattest verder opgevoerd. Door middel van datagedreven beleidsvoering, toepassing van artificiële intelligentie en een flexibele benadering die inspeelt op de behoeften van asbestdeskundigen, stakeholders en het brede publiek, werkte OVAM een vernieuwd inspectieprotocol uit voor asbestdeskundigen. Met dit protocol waarborgt OVAM een gelijk speelveld binnen de markt en versterkt zij de kwaliteit van het asbestattest voor eindgebruikers.
Het inspectieprotocol beschrijft hoe de asbestdeskundigen het onderzoek voor de opmaak van een asbestattest moeten uitvoeren. Op basis van de noden vastgesteld uit de eigen data-analyses of aangegeven door de sector paste OVAM de richtlijnen aan. Dit nieuwe inspectieprotocol is van kracht sinds 3 november 2025. De asbestdeskundigen volgden in 2025 een bijscholing die hen voorbereidde op het inspecteren volgens het nieuwe inspectieprotocol.
Pilootproject groepsaankopen asbestattest en advies voor burgers
OVAM vond tien (boven)lokale besturen bereid mee de schouders te zetten onder een pilootproject voor een lokale groepsaankoop voor asbestattesten. De organisatie van dergelijke groepsaankoop moedigt burgers aan tijdig werk te maken van een asbestattest om zo mogelijke asbestrisico’s in hun woning tijdig op te sporen. De gemeente organiseert infoavonden en biedt hun eerstelijnsondersteuning bij het vinden van een asbestdeskundige, het lezen en interpreteren van hun asbestattest en de mogelijke oplossingen om een asbestveilige woning te realiseren, bijvoorbeeld via de inzameling aan huis of via Mijn Verbouwpremie.
In lijn met dit pilootproject zette OVAM ook verder in op de inhoudelijke ondersteuning van baliemedewerkers bij lokale woon- en energieloketten. In samenwerking met twee lokale woon- en energieloketten maakte OVAM-infofilmpjes voor baliemedewerkers hoe ze de informatie in het asbestattest kunnen gebruiken bij eerstelijnsvragen rond energierenovatie of woningkwaliteit.
Asbestcementinzameling aan huis blijft een succes
Cijfers sinds 2021
Jaar op jaar blijft de inzameling van asbestcement aan huis een succesformule. Burgers geraken vlot en veilig van hun asbestcement af dankzij informatie op maat, beschermingsmiddelen en een sterk verlaagd tarief via subsidies. OVAM zorgt voor coaching en begeleiding van de lokale coördinatoren en zorgt voor onderlinge uitwisseling van goede praktijken. OVAM ontwikkelde voor deze asbestcementinzamelingen ook een nieuwe flyer om burgers te helpen bij het identificeren en correct inzamelen van het asbestcementafval.
Op één jaar tijd deden de lokale asbestprojecten er weer meer dan 12 000 nieuwe inzamellocaties bij en kwamen we eind 2025 met de ontvangen rapportages uit op 75 135 locaties.
Raamcontract asbestattesten voor sociale woningen
Na de sectorale fusiebeweging willen de nieuw samengestelde woonmaatschappijen toewerken naar een asbestveilig patrimonium. Ook hier is de eerste stap de opmaak van een asbestattest. Koepelvereniging Initia ontving van vele woonmaatschappijen de vraag hen hierin te ondersteunen met een raamcontract. In 2025 lanceerde Initia een openbare procedure voor dit raamcontract waarbij OVAM haar asbestexpertise verleende voor de opmaak van het bestek.
OVAM maakt scholen asbestveilig
In maart lanceerde OVAM opnieuw een oproep voor een tussenkomst voor asbestverwijdering in schoolgebouwen in het kader van het sectorprotocol Asbestveilige Scholen. Sinds de start van dat protocol kregen al 2459 scholen een gratis verfijning van hun asbestinventaris of, sinds eind 2022, een gratis asbestattest, goed voor een ondersteuning van 2 527 972 euro. Daarnaast betaalde OVAM al meer dan 11 miljoen euro aan tussenkomsten voor het asbestveilig maken van onderwijsgebouwen.
In 2025 kregen 369 bijkomende scholen ondersteuning voor het asbestveilig maken van hun gebouwen.
Voor het beheer van al deze dossiers werd een nieuw CRM-systeem in gebruik genomen. Via het E-loket volgen scholen voortaan zelf de voortgang, status en documenten van hun aanvraag op, en ook het indienen werd eenvoudiger. In 2026 wordt dit systeem verder uitgebreid zodat ook de aanvragen en dossiers van zorgvoorzieningen kunnen worden geïntegreerd.
OVAM ondersteunt alle lokale jeugdverenigingen bij het asbestveilig maken van hun (sport)gebouw
Via het sectorprotocol ‘Asbestveilige lokale jeugdgebouwen’ kunnen jeugdverenigingen en jeugdsportverenigingen via OVAM gratis aan een asbestattest geraken. OVAM ondersteunt deze verenigingen ook met asbestexpertise en de kosteloze inzameling van asbestcement om op termijn een asbestveilig gebouw te realiseren.
Eind 2025 ontving OVAM al voor meer dan 1000 lokale jeugd(sport)gebouwen een aanvraag voor een asbestattest. Zowel verenigingen zelf als gemeenten maken werk van deze aanvragen.
Om deze versnellingsbeweging te kunnen realiseren, zette OVAM samen met de protocolpartners in 2025 zeer sterk in op communicatie naar de doelgroep via verschillende kanalen. Aanvullend werden ook gespreksfiches ontwikkeld om vanuit de gemeente het gesprek met lokale verenigingen en private eigenaars te kunnen aanknopen, twijfels weg te nemen en aanvragen te stimuleren.
Asbestcementinzameling landbouw op kruissnelheid
In de land- en tuinbouwsector zijn er nog veel asbestdaken. Het sectorprotocol ondersteunt land- en tuinbouwers bij het verwijderen van deze daken door te voorzien in een gratis ophaling van het asbestcementafval. De eerste oproep in het voorjaar van 2025 voor 1200 landbouwers was op twee weken volzet. Minister Brouns maakte het daarom samen met OVAM mogelijk dat snel een nieuwe oproep kon volgen voor 600 landbouwers. Ook deze geraakte op korte termijn aan het aantal aanmeldingen.
Op al deze locaties zorgt OVAM binnen het jaar voor een kosteloze inzameling via een gecontracteerde inzamelaar. De inzamelmogelijkheid komt voor veel land- en tuinbouwers op het juiste moment en vormt ook een incentive om ook andere landbouwdoelstellingen te realiseren.
Sectororganisaties Boerenbond, Algemeen Boerensyndicaat (ABS) en het Vlaams Agrarisch Centrum (VAC) zetten mee hun schouders onder het protocol met de nodige communicatie en sensibilisering. Tot eind 2025 haalde de OVAM al bij 3606 landbouwbedrijven in totaal 2 308 760 m² (ongeveer 325 voetbalvelden) asbestdak op.
Circulair bouwen
OVAM introduceert bouwcatalogus voor duurzamere infrastructuurwerken
Benieuwd hoe circulair bouwen de ecologische voetafdruk van infrastructuurwerken kan verkleinen? Met de Bouwcatalogus toekomstgerichte infrastructuur liet OVAM 14 heldere fiches ontwikkelen met concrete ontwerprichtlijnen om duurzaamheid en aanpasbaarheid te integreren bij de constructie van wegen, bruggen, tunnels, stuwen en andere omvangrijke infrastructuurwerken.
Naast aandacht voor constructies, bieden de fiches inzicht in algemene principes circulair bouwen en het gebruik van materialen. De fiches zijn bedoeld voor professionals actief in ontwerp, uitvoering of beheer van infrastructuurprojecten. Zo wil OVAM de omslag naar een circulaire infrastructuurpraktijk versnellen en verankeren.
M-peil als hefboom voor lagere milieu-impact in de bouw
Om het gebruik van bouwmaterialen met lagere impact aan te moedigen, kan het M-peil gebruikt worden als stimulans. Dit M-peil is de totale milieu-impact van een gebouw en wordt berekend op basis van de gebruikte bouwmaterialen. In 2025 voerden de onderzoekers van VITO in opdracht van het Steunpunt Circulaire Economie (CE Center) een potentieelstudie uit die aantoont dat het toepassen van dit M-peil, bij zowel nieuwbouw als renovaties, de CO₂-uitstoot en de totale milieu-impact van gebouwen aanzienlijk kan verlagen.
Specifiek voor Vlaanderen werd een besparing van 26% op broeikasgasemissies en 41% op de totale milieu-impact berekend ten opzichte van een scenario zonder M-peil. Wanneer de impact buiten Vlaanderen in rekening gebracht wordt, vallen de effecten nog sterker uit: het probleem wordt dus niet verplaatst naar andere regio's.
De resultaten van de studie bieden waardevolle inzichten voor beleidsmakers en de bouwsector. Het M-peil in overweging nemen bij bouw- en renovatieprojecten, is een belangrijke stap richting het behalen van de klimaatdoelen.
Circulaire materialenverhalen
OVAM voert studies uit en ontwikkel tools om de voorwaarden en de mogelijke effecten van duurzaam materialengebruik en circulaire economie in kaart te brengen. Deze studies en tools leveren inzichten op die inspiratie bieden voor beleidsmakers, kenniswerkers en bedrijven. In 2025 publiceerden we zo vier ‘circulaire materialenverhalen’:
1. TOTEM kostenstudie: duurzaam ontwerpen, kosten besparen
Vanaf 2028 moeten eigenaars van grote nieuwe gebouwen in Europa hun CO₂-impact over de volledige levenscyclus berekenen. Twee jaar later geldt die verplichting voor alle nieuwbouw. Maar wat betekent dat voor de kosten van bouwen? OVAM onderzocht het in een nieuwe kostenstudie. De studie toont aan dat slimme ontwerpkeuzes een grote impact hebben op zowel het milieu als de portemonnee. Door al in de ontwerpfase te kiezen voor duurzame materialen en compacte vormen, kunnen we bouwen aan een circulaire toekomst zonder onnodige meerkosten.
Raadpleeg de TOTEM-kostenstudie
Lees het volledige circulaire-materialenverhaal over de TOTEM-kostenstudie
2. Materiaalindicatoren 2023*: Vlaamse economie blijft veel grondstoffen verbruiken
Door de toenemende import van materialen blijft de Vlaamse materiaalinzet (alle materialen die fysiek de economie binnenkomen) stijgen, hoewel de Vlaamse ontginning daalde. Vlaanderen verwerkt dus meer materialen én is dus meer afhankelijk geworden van grondstoffen uit het buitenland.
Ook de Vlaamse materiaalconsumptie (de hoeveelheid materialen die effectief in Vlaanderen verbruikt wordt voor de binnenlandse productie en consumptie) stijgt opnieuw. Materiaalconsumptie is een belangrijke maatstaf voor de toekomstige hoeveelheid afval en emissies.
Daarnaast daalt het voortschrijdend gemiddelde van de Vlaamse materialenvoetafdruk (de grondstoffen die direct én indirect nodig zijn voor de Vlaamse consumptie) per inwoner tussen 2012 en 2023, terwijl het bruto binnenlands product steeg.
Dat wijst op een absolute ontkoppeling van economische groei en grondstoffengebruik: om dezelfde output te produceren zijn er minder directe én indirecte grondstoffen nodig. Dit is een cruciale stap richting een circulaire economie.
* In 2025 waren de cijfers van 2023 beschikbaar.
3. Wat zegt de materialenvoetafdruk over onze consumptie?
De materialenvoetafdruk meet hoeveel grondstoffen wereldwijd nodig zijn om de Vlaamse consumptie mogelijk te maken, inclusief de materialen die via import in onze producten vervat zitten. OVAM liet deze voetafdruk door VITO berekenen voor de periode 2015–2022 met behulp van input-outputanalyse, die de volledige productieketen in rekening brengt.
In 2022 bedroeg de Vlaamse materialenvoetafdruk 157,7 miljoen ton, of 23,5 ton per inwoner. De evolutie van de materialenvoetafdruk kent een licht afwisselend verloop zonder duidelijke trend. Niet-metaalhoudende mineralen (zoals zand en grind) vormen het grootste aandeel, gevolgd door biomassa, fossiele energiedragers en metalen.
Investeringen in gebouwen en infrastructuur zijn samen met particuliere consumptie goed voor ongeveer 80% van de voetafdruk. Binnen de consumptie wegen vooral huisvesting, voeding en consumptiegoederen zwaar door.
Lees het circulaire materialenverhaal en het rapport
4. Circulariteit in Vlaanderen stagneert op 14,2%
In 2022 bedroeg de circulariteitsgraad van het materiaalgebruik (CMUR) in Vlaanderen 14,2%. Deze indicator, berekend door VITO in opdracht van OVAM, geeft aan welk aandeel van het totale materiaalgebruik afkomstig is van gerecycleerde materialen en focust op de inspanningen van een land om afval in te zamelen voor recyclage.
Hoewel het absolute gebruik van gerecycleerde materialen toenam, groeide de totale materiaalconsumptie sneller, waardoor het relatieve aandeel circulaire materialen niet vooruitging sinds 2014.
Blik op de toekomst
De cijfers tonen dat verdere vooruitgang richting een circulaire economie niet alleen meer en betere recyclage vereist, maar vooral ook een structurele vermindering van het totale materiaalgebruik. Innovatie, efficiëntere productieprocessen en het verlengen van de levensduur van producten zijn daarbij cruciaal.
Cmartlife
OVAM leidt het EU-project C-MARTLIFE (Circular Material Approach on Residual waste Targets and a Litter Free Environment) dat loopt van 2020 tot 2027. Het kadert in het EU LIFE-programma dat initiatieven ondersteunt die beleid implementeren en versnellen op het vlak van klimaat en milieu. Best practices van succesvolle initiatieven worden vastgelegd om andere EU-regio’s te inspireren.
In februari 2025 verwelkomde het project gedurende drie dagen een zestigtal experten en Europese LIFEprojecten in Brussel en Mechelen voor de LIFE platform meeting “Plastic waste prevention and reuse systems”. Het programma dompelde de deelnemers onder in het Vlaamse afval- en materialenbeleid, met een sterke focus op preventie, hergebruik en onze ambities om verder te klimmen op de afvalhiërarchie.
Er stonden sprekers van de Europese Commissie, Ellen MacArthur Foundation, OVAM, Planet Reuse, Zero Waste Europe, Fost Plus, Stad Parijs, Healthcare Without Harm en het European Environmental Bureau op het programma. Tijdens de thematische sessies werden goede praktijken, beleidslacunes en uitdagingen voor het opschalen van hergebruiksystemen onder de loep genomen. Ook productontwerp, kennisdeling en de juridische context kwamen ruim aan bod. De bijdrage van Cmartlife en Vlaanderen Circulair rond circulaire communicatie en gedragsverandering werd bijzonder gesmaakt.
Onze Vlaamse voorbeelden lieten een blijvende indruk na: De Green Deal Anders Verpakt, ons cateringbeleid voor evenementen en de conferentie catering materiaal werden door deelnemers zelfs als mindblowing omschreven. Tijdens een netwerkavond werden de Red de Restjes-hapjes van Vlaco perfect gecombineerd met Belgische bieren. We sloten af met een compacte maar krachtige crash course gedragswetenschappen en praktische tools om circulaire praktijken breed ingang te doen vinden.
Deze driedaagse was niet alleen een inspirerende uitwisseling tussen Europese partners, maar ook een mooie kans om te tonen hoe Vlaanderen concreet en ambitieus inzet op circulaire oplossingen.
Kunststof granulaatverliezen vermijden: Vlaanderen presenteert beste technieken en Europa legt regels vast
In 2025 werden twee mijlpalen bereikt om kunststofgranulaatverliezen te voorkomen. Kunststof granulaat bestaat uit kleine kunststof korreltjes die in verschillende vormen voorkomen en meestal gebruikt worden om kunststofproducten van te maken. Wat begon met vrijwillige engagementen vanuit de kunststofsector en de overheid om verontreiniging van het milieu met kunststof granulaat te vermijden, heeft in 2025 finaal geleid tot breed gedragen en goedgekeurde EU-wetgeving.
In het kader van het EU-project Cmartlife organiseerde OVAM een lerend netwerk om ervaringen, tips en uitdagingen te delen met de hele Vlaamse kunststof waardeketen. Tijdens het Belgische voorzitterschap van de raad in 2024 hebben OVAM, Departement Omgeving en andere partners op dit dossier gewerkt om kunststofvervuiling aan te pakken op EU-niveau. Met een gelijk speelveld voor alle bedrijven die kunststof granulaat hanteren óf vervoeren, over land óf zee.
Eerder in 2025 waren er in Vlaanderen al algemene milieuvoorwaarden in Vlarem II van kracht gegaan om kunststofgranulaatverliezen te voorkomen. Die voorwaarden hebben betrekking op het opruimen van geknoeid kunststof granulaat, procedures en instructies voor personeel om emissies van kunststof granulaat te voorkomen en toezicht op laad-en losactiviteiten van kunststof granulaat om verliezen tijdens transport te voorkomen. Ter ondersteuning van de sector werden best beschikbare technieken opgemaakt en gepubliceerd.
Sinds december 2025 is ook de EU-verordening om kunststof granulaat verliezen te voorkomen in werking. Dit initiatief kadert in het Zero Pollution Action Plan van de Europese Commissie. Alle marktdeelnemers die meer dan vijf ton per jaar aan kunststof granulaat hanteren, vallen onder de verordening. Voor vervoerders is er geen drempelwaarde. Twee jaar na het ingaan van deze verordening zullen de bepalingen voor spelers van de kunststof waardeketen en de vervoerders van kracht worden. Voor marktdeelnemers houdt dit onder ander de opmaak van risicobeheersplannen in, het nemen van een aantal verplichte maatregelen en het opleiden van personeel. Vervoerders krijgen een aantal verplichtingen opgelegd. Wordt vervolgd!
Kunststofrecyclagesector
De kunststofrecyclagesector in Vlaanderen en Europa beleeft moeilijke tijden. De oorzaak? Een combinatie van lage prijzen voor virgin kunststoffen, hoge energie- en loonkosten, en een toestroom van goedkope import. Op 29 september bracht OVAM meer dan 60 vertegenwoordigers uit de industrie, overheid, het maatschappelijk middenveld en kennisinstellingen samen voor een rondetafelgesprek.
De huidige Europese regelgeving, zoals de Single Use Plastics-richtlijn en de PPWR, leggen wel recyclaatverplichtingen op maar bieden onvoldoende bescherming aan de lokale waardeketen. Bedrijven stellen vast dat complexe regelgeving, onvoldoende controle en het ontbreken van een gelijk speelveld de situatie bemoeilijkt.
OVAM riep alle betrokkenen op om samen te werken aan een sterkere, meer veerkrachtige kunststofwaardeketen.
Woningpas/gebouwenpas
Vlaamse overheid lanceert collectieve woningpas en gebouwenpas
De Vlaamse overheid lanceerde vorig jaar de collectieve woningpas om energetische renovatie van appartementsgebouwen (bijna 150 000 in Vlaanderen, waarvan meer dan de helft een slecht energielabel heeft) te vereenvoudigen. Deze digitale tool geeft appartementseigenaars inzicht in de energiescore en installaties van de gemeenschappelijke delen, naast de bestaande individuele woningpas.
Eigenaars kunnen nu informatie over isolatie en installaties van de gemeenschappelijke delen raadplegen en delen met de syndicus (zonder privé-informatie). De woningpas bevat energiebesparende aanbevelingen voor de gemeenschappelijke delen, wat ook de individuele appartementen ten goede komt. Dit moet collectieve renovaties eenvoudiger maken.
Naar analogie met de bestaande woningpas, krijgen sinds 2025 ook alle niet-residentiële gebouwen (zoals cultuurcentra, horecazaken, sport-, zorg- en onderwijsinfrastructuur, handel- en kantoorruimten) een gebouwenpas. Dit digitale paspoort van een gebouw centraliseert alle relevante en digitaal beschikbare informatie op één plek. U hoeft dus niet meer aan te kloppen bij verschillende instanties om de juiste vergunningen, digitale attesten en documenten te raadplegen. Bovendien is gebouwenpas gratis.