Verordening (EU) 2024/1157 vervangt Verordening 1013/2006 en introduceert belangrijke wijzigingen voor afvaltransporten, waaronder de verplichte digitalisering van de kennisgevings- en Bijlage VII-procedures. De verordening ging van kracht op 20 mei 2024, maar de meeste bepalingen zullen pas geldig zijn vanaf 21 mei 2026. De Europese Commissie stelt een DIWASS-systeem ter beschikking vanaf 21 mei 2026.
OVAM zal steeds tijdig de Vlaamse bedrijven informeren over alle wijzigingen die er in 2026 op hen afkomen en hoe OVAM zal omgaan met deze verplichting en welke invloed dit heeft op alle betrokken actoren. Op deze webpagina vindt u steeds alle actuele informatie over de overgangsperiode van de huidige naar de nieuwe EVOA.
Verordening 2024/1157 - wat verandert er?
Verordening 2024/1157 is een nieuwe Europese wetgeving die strengere regels introduceert voor het grensoverschrijdend vervoer van afval binnen, naar en buiten de EU. De verordening moet illegaal afvalexport stoppen, recycling en circulaire economie in Europa stimuleren en landen buiten de EU beschermen tegen afvaldumpingen. Deze verordening vervangt Verordening (EG) 1013/2006.
Op 16 november 2023 bereikten de Europese Commissie, het Europese Parlement en de Raad een voorlopig politiek akkoord over een nieuwe Europese Verordening Overbrenging van Afvalstoffen. Over deze nieuwe verordening is twee jaar lang onderhandeld. Het nieuwe voorstel wilde aan zoveel mogelijk tekortkomingen van de huidige verordening tegemoetkomen.
De Verordening 1013/2006 is op 20 mei 2024 vervangen door de nieuwe Verordening (EU) 2024/1157. De herziene wet vervangt stapsgewijs de EVOA uit 2006, op basis van overgangsrecht. De nieuwe verordening brengt belangrijke veranderingen teweeg in het grensoverschrijdend transport van afval binnen en buiten de EU om een duurzamer afvalbeheer te bevorderen.
Verordening 2024/1157 is vanaf 20 mei 2024 van kracht, maar de meeste bepalingen treden pas vanaf 21 mei 2026 in werking:
2024: Publicatie en inwerkingtreding
- 11 april 2024: Verordening gepubliceerd in het Publicatieblad van de EU
- 20 mei 2024: Officiële inwerkingtreding (20 dagen na publicatie), maar de meeste artikelen zijn pas van toepassing vanaf 21 mei 2026
2025-2026: Meeste artikelen van toepassing en uitrol digitale systemen (DIWASS)
- 2 juli 2025: Publicatie van de uitvoeringshandelingen over de ontwikkeling van een digitaal Europees systeem (DIWASS)
- 4 februari 2026: Autoriteiten beslissen of ze voor de verplichte digitalisering gebruik zullen maken van de website van DIWASS voor het registreren en behandelen van kennisgevingen of dat ze opteren voor behoud van het eigen digitale systeem
- 21 mei 2026:
- Volledige vervanging van Verordening 1013/2006
- Verplichte digitalisering van EVOA-kennisgevingen en transportmeldingen
- Verplichte digitalisering van de Bijlage VII, waarbij de transporten ook digitaal gemeld moeten worden
2027 en later: Auditverplichting
- 21 mei 2027:
- Auditverplichting voor uitvoer van afval naar niet-OESO landen
- Derdelandenverordening 1418/2007 wordt ingetrokken op 21 mei 2027
- Alle kennisgevingen waar vóór 21 mei 2026 ontvangstbevestiging voor werd gegeven, vallen nog onder Verordening 1013/2006. De nuttige toepassing of verwijdering van afvalstoffen in een overbrenging waarvoor de betrokken bevoegde autoriteiten overeenkomstig artikel 9 van Verordening (EG) nr. 1013/2006 toestemming hebben gegeven, dienen uiterlijk 21 mei 2027 te zijn voltooid. - 21 mei 2029:
- Alle kennisgevingen naar een vooraf goedgekeurde inrichting (PAF) waarvoor vóór 21 mei 2026 ontvangstbevestiging werd gegeven, vallen nog onder Verordening 1013/2006. Op 21 mei 2029 moeten de overbrengingen voltooid zijn.
- De PAF-statuten die zijn verleend onder de Verordening 1013/2006 zijn niet meer geldig vanaf 21 mei 2029. Vanaf 21 mei 2026 kunnen bedrijven al een nieuw PAF-statuut aanvragen volgens de principes van Verordening (EU) 2024/1157.
Afvaltransporten buiten de EU
De grootste veranderingen zijn de strengere regels voor de export van afval naar derde landen. Ongevaarlijk afval zal enkel nog naar niet-OESO landen geëxporteerd kunnen worden indien dit land aangeeft het afval te willen importeren en ook aantoont dit op een milieuvriendelijke wijze te kunnen verwerken. Bovendien mag het enkel naar bedrijven gaan die eerst een audit hebben ondergaan. Voor ongevaarlijk plastic afval (B3011) geldt een exportban. Wat betreft OESO-landen zal de Europese Commissie de afvalstromen goed monitoren en ingrijpen met een tijdelijk verbod indien nodig. Ook hier moeten de bedrijven eerst een audit ondergaan. Voor de transporten ongevaarlijk plastic afval (B3011) geldt de kennisgevingsprocedure (i.p.v. Bijlage VII).
Afvaltransporten binnen de EU
De nieuwe EVOA wil afval binnen de EU meer recupereren en hergebruiken. Zo wordt de snelle procedure naar vooraf goedgekeurde instellingen (PAF) geoptimaliseerd. Afvaltransporten bestemd voor verwijdering binnen de EU worden verboden, tenzij bij toestemming onder strikte voorwaarden en in goed gemotiveerde gevallen. Afvaltransporten voor laboanalyse of experimentele behandeling mag met Bijlage VII vertrekken indien het niet meer dan 250 kg betreft.
Verder wordt de kennisgevingsprocedure verduidelijkt in opeenvolgende stappen met concrete timing. Alle procedures worden verplicht gedigitaliseerd, ook de procedure van groenelijstafvalstoffen (Bijlage VII). Het aantal interim operaties buiten de EU wordt ingeperkt (Art. 37) om intransparantie en misbruiken tegen te gaan.
- Exportverbod van gevaarlijk afval naar niet-OESO landen
- Exporteurs van niet-gevaarlijk afval moeten kunnen aantonen dat het afval milieu hygiënisch verantwoord wordt verwerkt buiten de EU d.m.v. auditplicht
- Verplichte digitale kennisgevings- en Bijlage VII-procedure
- Handhaving wordt strenger.
De overgangsbepalingen worden beschreven in artikel 85. Verordening (EU) 2024/1157 vervangt Verordening (EG) nr. 1013/2006 vanaf 20 mei 2024, maar voorziet een overgangsperiode tot 21 mei 2026. De belangrijkste bepalingen zijn:
Toepassing oude regels tot 21 mei 2026
De huidige EVOA-regels (Verordening 1013/2006) blijven van kracht tot en met 21 mei 2026, behalve enkele uitzonderingen.
Kennisgevingen vóór 21 mei 2026
Kennisgevingen waarvoor vóór 21 mei 2026 een ontvangstbevestiging is gegeven, blijven onder de oude verordening vallen.
- De nuttige toepassing of verwijdering moet uiterlijk 21 mei 2027 voltooid zijn.
- Voor PAF-kennisgevingen (vooraf goedgekeurde inrichtingen) geldt een uiterste overbrengingsdatum van 21 mei 2029.
Geldigheid van voorafgaande goedkeuringen van inrichtingen voor nuttige toepassing
Voorafgaande goedkeuringen van inrichtingen voor nuttige toepassing (artikel 14 van 1013/2006) vervallen uiterlijk op 20 mei 2029.
Nieuwe dossiers vanaf 21 mei 2026
Alle kennisgevingen waarvoor geen ontvangstbevestiging wordt gegeven voor 21 mei 2026, moeten voldoen aan de nieuwe regels van Verordening 2024/1157 en via het digitale DIWASS-systeem worden ingediend. Indien u vóór 21 mei 2026 een kennisgeving indient bij de autoriteit van verzending, maar geen ontvangstbevestiging krijgt van de autoriteit van aankomst, dient de kennisgeving opnieuw te worden ingediend volgens de bepalingen van Verordening 2024/1157. Het is belangrijk om hiermee rekening te houden bij het indienen van een kennisgeving. De gemiddelde verwerkingstijd voor een kennisgeving bedraagt drie maanden. OVAM adviseert daarom om uiterlijk op 1 februari de kennisgeving in te dienen.
Vanaf 21 mei 2027 is uitvoer van afvalstoffen naar niet OESO-landen verboden, tenzij;
- Het land voorkomt op een officiële EU-lijst van toegelaten landen. Deze lijst wordt gepubliceerd op 21 november 2026 en treedt in werking op 21 mei 2027. Tot die tijd is er nog geen officiële lijst beschikbaar, maar de Europese Commissie heeft al bevestigd dat 24 landen een aanvraag hebben ingediend om op die lijst te komen. De Europese Commissie beoordeelt nu deze aanvragen.
- Het land aantoont dat het afval kan verwerken volgens EU-normen voor milieuhygiënisch verantwoord beheer (Environmental Sound Management - ESM) (zie artikel 42 en Annex IX).
- De verwerkingsinstallatie in dat land een onafhankelijke audit heeft ondergaan (artikel 46 & Annex X).
Naast de basisverordening komen er nog verschillende gedelegeerde en uitvoeringshandelingen aan op EU-niveau. De belangrijkste punten:
EU certificaat voorlopige handeling
Deze gedelegeerde handeling (2024/2571) werd gepubliceerd op 19 juli 2024 en bevat de informatie die moet worden verstrekt in de verklaring van de voltooiing van een aansluitende voorlopige of niet-voorlopige handeling tot nuttige toepassing of een aansluitende voorlopige of niet-voorlopige handeling tot verwijdering.
Digitale systemen (DIWASS)
Deze uitvoeringshandeling (2025/1290) werd gepubliceerd op 2 juli 2025 en legt de vereisten vast voor de digitalisering van de kennisgevings- en Bijlage VII-procedure.
Instructies invullen Bijlage VII
Deze gedelegeerde handeling wordt gepubliceerd op 21 mei 2026 en bevat de instructies voor het invullen van een Bijlage VII-document.
EU-lijst toegelaten niet-OESO landen
Deze gedelegeerde handeling wordt gepubliceerd op 21 november 2026 en bevat een lijst van landen waarnaar export vanaf 21 mei 2027 nog mag, inclusief voorwaarden (Annex IX).
EU criteria “technische en economische haalbaarheid”
Deze uitvoeringshandeling wordt uiterlijk gepubliceerd op 21 mei 2027 en formuleert criteria waaraan kennisgevers moeten voldoen om aan te tonen dat grensoverschrijdend transport voor verwijdering noodzakelijk is op basis van technische en economische haalbaarheid. Bovendien stelt deze handeling richtlijnen vast voor bevoegde autoriteiten betreffende de beoordeling van die technische en economische haalbaarheid.
Kennisgevingsprocedure
Voor recyclingfaciliteiten binnen de EU geldt géén verplichte onafhankelijke audit bij invoer van afvalstoffen.
Vanaf 21 mei 2027 is een onafhankelijke audit verplicht voor alle niet-EU-faciliteiten die afval uit de EU verwerken. Voor niet-OESO-landen is een audit altijd verplicht. Ook voor OESO-landen geldt de audit-verplichting tenzij er een internationale overeenkomst bestaat tussen de EU en het betreffende land.
Deze verplichting geldt zowel voor kennisgevingen als voor transporten onder Bijlage VII. Deze audit moet aantonen dat de inrichting voldoet aan milieu- en gezondheidsnormen die gelijkwaardig zijn aan EU-standaarden.
De verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de audit en het dragen van de kosten liggen bij de kennisgever of de opdrachtgever. Als er al een audit beschikbaar is, kan deze tegen betaling worden overgenomen. De audit moet altijd worden uitgevoerd door een onafhankelijke derde partij die beschikt over de juiste accreditatie. De auditor moet voldoen aan de eisen die zijn vastgelegd in Bijlage X, Deel A van Verordening 2024/1157. De criteria voor een positieve audit staan in Bijlage X, Deel B. De audit omvat zowel een fysieke controle van de inrichting als een controle van de documenten.
Tijdens het transport beschikt de vervoerder over:
- het vervoersdocument
- het kennisgevingsdocument, ondertekend in vak 20 door de bevoegde autoriteiten
- de schriftelijke toestemming van de bevoegde autoriteiten
Deze documenten zijn elektronisch beschikbaar.
Bijlage VII
Digitalisering
Wilt u meer weten?
Persbericht van de Raad (onderaan het persbericht vindt u de voorlopige wetteksten)
Klik hier voor alle informatie over de EVOA
Kennisgevingsprocedure
Procedure Bijlage VII-document
Het verdrag van Bazel
EVOA-wetgeving
Team dossierbeheer
- Adres
- Stationsstraat 110
2800 Mechelen
Route en bereikbaarheid - Telefoon
- 015 284 319