Circulair bouwen en verbouwen

Wat is circulair bouwen?
Circulair bouwen is dé fundering voor de toekomst. Het draait om slim omgaan met grondstoffen, bouwmaterialen en gebouwen. We bekijken daarbij de volledige levensloop van een gebouw, van ontginning van grondstoffen en de aanmaak van materialen, het bouwproces, het gebruik en tenslotte de ontmanteling. Het einddoel: toekomstgerichte gebouwen creëren die langer meegaan, minder onderhoud vragen, minder afval veroorzaken en hun waarde zo lang mogelijk behouden. Zo dragen circulaire keuzes bij aan CO2-reductie, duurzaamheidsdoelen en meerwaarde voor mens, milieu en economie.
We gebruiken de R-ladder om het proces in kaart te brengen en om het niveau van circulariteit aan te tonen. Hoe hoger een strategie op de R-ladder staat, hoe efficiënter we met onze materialen omgaan.
- Verminderen: Refuse, Rethink, Reduce
Verminderen van grondstofgebruik staat helemaal bovenaan op de ladder. Het ultieme doel is minder grondstoffen te gebruiken of er efficiënter mee om te gaan. - Verlengen: Re-use, Repair, Refurbish, Remanufacture, Repurpose
Als verminderen geen optie is, gaan we kijken naar de mogelijkheden om materialen, of bepaalde onderdelen, langer te blijven gebruiken en de vraag naar nieuwe grondstoffen te verminderen. - Verwerken: Recycle en Recover
Kunnen we materialen niet langer inzetten, dan kijken we naar recyclage van de oorspronkelijke grondstoffen of zetten we in op het terugwinnen van energie uit de materialen.

Nieuwbouw en het bestaande gebouwenpark maken in een circulaire economie deel uit van eenzelfde beweging.
Voor nieuwbouw ligt de focus op wat een gebouw en elk onderdeel ervan morgen nog kan betekenen. Door in de ontwerpfase al rekening te houden met zowel ruimtegebruik als ecodesign, demontage en scheidbaarheid van bouwmaterialen, boosten we hergebruik en recyclage. Dit is toekomstgericht ontwerpen.
Voor bestaande gebouwen overwegen we herbestemming of renovatie over sloop. We kijken welke onderdelen we opnieuw kunnen gebruiken. In tweede instantie streven we naar hoogwaardige recyclage. We zien ons bestaande patrimonium als onze urban mine.
Circulair bouwen klinkt misschien complex, maar je hoeft niet meteen alles volledig anders te doen. In de praktijk begint het vaak met een mentaliteitsverandering. Slimmer nadenken, bewustere keuzes maken en anders werken. De waarde van je gebouw met andere ogen bekijken. Het is een proces van kleine stappen, experimenteren, bijleren en leren samenwerken. En dat met z’n allen. Iedereen binnen de bouwketen speelt een rol.
Naast het dagelijkse energiegebruik van onze woningen tijdens de gebruiksfase moeten we ook rekening houden met de ‘onzichtbare’ milieu-impact, veroorzaakt door de productie, het transport, de afbraak… van de gebruikte materialen. Om de Europese ambitie van een klimaatneutraal gebouwenpark tegen 2050 waar te maken, moeten we op beide aspecten inzetten. Meer info over materiaalprestatie van gebouwen
Waar we samen naar streven
We streven een heldere visie voor 2050 na. Zo willen we dan enkel nog bouwen met materialen met een minimale milieu-impact en winnen we maximaal materialen terug uit het bestaande gebouwde patrimonium. Nieuwe of gerenoveerde gebouwen zijn toekomstgericht in functie van veranderende noden en hebben een minimale milieu-impact. We beschikken over digitale informatie over de materialen in ons gebouwde patrimonium.
Waar zetten we op in?
Bij nieuwbouw
- bouwen en verbouwen we volgens de principes van toekomstgericht bouwen;
- streven we naar een digitaal bouwwerkpaspoort met data over de gebruikte materialen;
- streven we naar een maximaal energiepeil dat rekening houdt met materiaal en energie.
Bij bestaande gebouwen
- volgen we bij afbraak- en ontmantelwerken de materiaalkringloop van werf tot verwerking op;
- stellen we met kwaliteitsborging gerecycleerde materialen veilig voor hergebruiken in een tweede of derde leven;
- door ketensamenwerking hergebruiken we materialen of zetten we die in als grondstof voor nieuwe (bouw)materialen of andere hoogwaardige toepassingen.
Waarom circulair bouwen?
-
Materiaalschaarste tegengaan
Met slimme ontwerpen, hergebruik en recyclage van materialen verkleinen we de afhankelijkheid van schaarse grondstoffen én volatiele prijzen.
-
Milieu-impact verlagen
Door vanaf het begin bewuste keuzes te maken, en naar de volledige levenscyclus van gebouwen te kijken, verlagen we de totale ecologische voetafdruk.
-
Afval vermijden
De slimme materiaalkeuzes van vandaag maken het hergebruik en de hoogwaardige recyclage van morgen mogelijk.

Hoe begin je eraan?
Ontdek de tools

OVAM faciliteert de omslag
-
Kennisdeling
Als facilitator en kennispartner delen we expertise rond circulair materialenbeheer, circulair ontwerpen en (ver)bouwen. En samen met partners ontwikkelen we ondersteunende tools, zoals TOTEM en de ambitiekaart.
-
Samenbrengen van partijen
Een multidisciplinaire samenwerking is cruciaal, daarom brengen we alle betrokken partijen (architecten, aannemers, producenten, opdrachtgevers en slopers) samen. Om samen te leren, knelpunten aan te kaarten én ze weg te werken.
-
Coördineren van beleid
We coördineren het beleid rond circulair bouwen, in samenwerking met overheden, experts en partners. Via structureel overleg zorgen we ervoor dat projecten concreet vooruitgaan en alle betrokken partijen goed op elkaar afgestemd blijven.
Vlaanderen Circulair: samen naar meer circulariteit


Lees deze whitepaper en vind inspiratie én zin om zelf te starten met circulair bouwen.
Toekomstgerichte projecten
Actueel in de wereld van circulair bouwen
Veelgestelde vragen
In essentie draait circulair bouwen om slim omgaan met grondstoffen, bouwmaterialen en gebouwen. Het is meer dan hergebruik en recyclage alleen. Alles begint bij het ontwerp van een gebouw. Garandeert dat een lang en duurzaam gebruik? Laat het andere (toekomstige) functies of hergebruik toe?
Vanuit die vragen kijken we anders naar bouwen. Het einddoel: toekomstgerichte gebouwen creëren die langer meegaan, minder onderhoud vragen, minder afval veroorzaken en hun waarde zo lang mogelijk behouden. Zo dragen circulaire keuzes bij aan CO₂-reductie, duurzaamheidsdoelen en meerwaarde voor mens, milieu en economie.
Die manier van denken begint al vóór we nieuw bouwen. Eerst kijken we naar wat er vandaag al is. Past een bestaand gebouw nog bij zijn oorspronkelijke functie of moeten we herbestemming overwegen? Is er nood aan renovatie of voldoet de structuur niet langer aan de hedendaagse normen en is sloop de enige optie? Zelfs bij dat laatste zien we vrijgekomen materialen niet automatisch als afval. De eerste reflex is hergebruik. Lukt dat niet, dan kijken we naar recyclage tot nieuwe grondstoffen. Daarmee maken we van bestaande gebouwen een materialendatabank voor de toekomst: urban mining.
Bij nieuwbouw begint circulariteit al in de ontwerpfase. Met bewuste keuzes over ruimtegebruik en materialen. Daarmee maken we onderhoud, aanpassing, hergebruik of demontage later mogelijk. Waar nieuwe bouwmaterialen nodig zijn, kiezen we zoveel mogelijk voor natuurlijke en makkelijk herbruikbare of recycleerbare materialen. Zijn er toch eindige grondstoffen? Dan zetten we die zo efficiënt en doeltreffend mogelijk in.
Door grondstoffenschaarste en klimaatimpact. Zowat de helft van alle grondstoffen wereldwijd gaat naar de bouwsector, en een derde van de afval- en materiaalstromen die vrijkomen in Europa is afkomstig uit de bouw. Bouwen en wonen hebben ook een grote impact op onze CO2-voetafdruk en ons energie- en waterverbruik. Door doordacht om te gaan met materiaal en energie, houden we ons comfort op peil zonder de aarde nodeloos uit te putten.
Vlaanderen wil die omslag maken en OVAM neemt daarin het voortouw als facilitator. Ze delen kennis, ontwikkelen ondersteunende tools zoals TOTEM en bouwwerkpaspoorten, en inspireren opdrachtgevers, architecten, aannemers, producenten en slopers. De shift is ingezet. OVAM geeft richting, maar alleen samen kunnen we morgen mooier maken.
De perceptie heerst inderdaad dat het duurder is. Innovatie vraagt in een eerste fase inderdaad een investering in het leerproces. Maar het is cruciaal om alle parameters in acht te nemen: initiële kosten kunnen hoger zijn door extra ontwerpwerk, demontabele constructies en selectie van hergebruikte materialen. Maar we zien vaak lagere kosten op lange termijn (levenscyclus), restwaarde van materialen blijft behouden en er zijn minder afvalkosten. De waarde van een gebouw zit in de volledige levenscyclus.
Integendeel, het gaat ons stimuleren om de opties en keuzemogelijkheden te verrijken. Stap voor stap gaan we ook meer aanbod hebben qua materialen en processen die meer keuze zullen geven.
Bouwen en wonen hebben een aanzienlijke impact op het milieu. Naast het dagelijkse energiegebruik, en de daarbij horende uitstoot, van onze woningen tijdens de gebruiksfase moeten we ook rekening houden met de ‘onzichtbare’ milieu-impact, veroorzaakt door de productie, het transport, de afbraak… van de gebruikte materialen. Dit noemen we de materiaalprestatie van gebouwen.
OVAM ontwikkelde samen met het Brusselse en het Waalse Gewest de TOTEM-tool. Deze tool maakt het mogelijk om de milieu-impact van gebouwen op een gestandaardiseerde manier te berekenen en te optimaliseren.
TOTEM baseert zich op een levenscyclusanalyse (LCA) en brengt de impact van materialen in kaart over hun volledige levensduur, aan de hand van verschillende milieu-indicatoren. De berekeningen gebeuren in overeenstemming met de Europese normen voor LCA in de bouw, in het bijzonder EN 15978 en EN 15804.
TOTEM
In 2024 werd de Energy Performance of Buildings Directive (EPBD) herzien. Deze benadrukt naast de energieprestatie van gebouwen ook de materiaalprestatie over de volledige levenscyclus van gebouwen.
Vanaf 2028 wordt het verplicht om het Global Warming Potential (GWP) van nieuwe gebouwen te berekenen. Het GWP is een maatstaf die aangeeft in welke mate broeikasgassen bijdragen aan de opwarming van de aarde. Dit wordt uitgedrukt in CO2-equivalenten.
Concreet geldt de verplichte berekening:
- vanaf 2028: voor nieuwe gebouwen, met een bruikbare vloeroppervlakte van meer dan 1000 m², waarvoor een EPC bouw vereist is;
- vanaf 2030: alle nieuwe gebouwen waarvoor een EPC bouw vereist is.
