Verwerken van puin in een breekinstallatie 

De puinfractie is veruit de grootste fractie van het bouw- en sloopafval. Daarom richten onze inspanningen zich in eerste instantie op het gescheiden en zuiver inzamelen en eventueel uitsorteren van de puinfractie. Na verwerking leidt dit op haar beurt tot een hogere kwaliteit van de verkregen  gerecycleerde granulaten. Het is belangrijk dat puin zuiver wordt aangeleverd. 
Na het breekproces ontstaatn gerecycleerde granulaten zoals:

  • betongranulaat,
  • metselwerkgranulaat,
  • menggranulaat,
  • asfaltgranulaat,
  • brekerzand,
  • sorteerzeefzand.

Deze granulaten zijn afvalstoffen, tenzij ze voldoen aan de voorwaarden voor gebruik als grondstof van het Materialendecreet en het Vlarema. Om het statuut van ‘grondstof’ te verkrijgen, moeten de gerecycleerde granulaten gecertificeerd zijn overeenkomstig het “eenheidsreglement gerecycleerde granulaten”.

Certificatie “eenheidsreglement gerecycleerde granulaten” voor breekinstallaties 

 

Het reglement bevat

  • de minimale acceptatiecriteria en de voorwaarden voor verwerking van puin (opmaak van technisch dossier)

  • de controlefrequentie op de milieuhygiënische kwaliteit (controleschema’s)

  • de voorwaarden voor afvoer en gebruik (tracering op basis van afleveringsbonnen, bijhouden van registers, …) van de gerecycleerde granulaten.


De bouwtechnische eisen maken geen deel uit van de certificering volgens het eenheidsreglement. Wel moet er voldaan zijn aan de bouwtechnische eisen van Europese geharmoniseerde normen (zie definitie bouwstof uit Vlarema) om in aanmerking te kunnen komen voor certificatie onder het eenheidsreglement.

Certificatie bestaat uit een zelfcontrole door de producent en een externe controle door een certificatie-instelling. De externe controle gaat de geldigheid van de zelfcontrole na en voert controlebezoeken en controleproeven uit.

Copro en Certipro zijn de twee certificatie-instellingen voor de certificatie van gerecycleerde granulaten.
Het eenheidsreglement maakt een onderscheid tussen productie van gerecycleerde granulaten op een vaste locatie en productie op een bouw- of sloopwerf. Bij productie op een vaste locatie wordt puin van verschillende werven aangevoerd om op een vaste, permanente locatie te breken. Bij productie op een sloopwerf is het te breken puin afkomstig van de site zelf en mag er geen aanvoer zijn van andere werven.

Onderstaande figuur geeft de werking van het eenheidsreglement weer.

Onderscheid tussen puin met hoog milieurisico-profiel (HMRP) en puin met laag milieurisico-profiel (LMRP)

  • puin met hoogmilieurisico-profiel (HMRP): dit is puin met onvoldoende garanties over de herkomst of de milieuhygiënische kwaliteit ervan en dat niet voldoet aan de acceptatiecriteria om als laagmilieurisico-profiel aanvaard te worden;

    • puin van niet-selectieve sloop (dat niet door Tracimat is opgevolgd geweest);

    • uitgezeefd puin uit uitgegraven bodem (dat niet voldoet aan de voorwaarden om als LMRP af te voeren).

  • puin met laagmilieurisico-profiel (LMRP): puin waarvan de herkomst is gekend en met bepaalde garanties  over de milieuhygiënische kwaliteit ervan. Dat wil zeggen dat moet voldoen aan een van de toegestane mogelijkheden om puin als LMRP aan te bieden, zoals vermeld in artikel 7.6.1.1 van het eenheidsreglement.

Daarnaast mag de breker geen vrachten aanvaarden waarvan hij vermoedt dat de verkregen gerecycleerde granulaten niet zullen voldoen aan het VLAREMA en het EHR.
Van het puin met HMRP is de herkomst en/of de kwaliteit niet gekend. Het risico dat dit puin leidt tot gerecycleerde granulaten die niet voldoen aan VLAREMA is groter dan bij granulaten verkregen na het breken van LMRP-puin De verwerking van HMRP-puinstromen vereist dus een striktere opvolging en een striktere keuring van de  granulaten.

 

Puin van andere herkomst – specifieke oorsprong

Volgende stromen kunnen niet als LMRP maar ook niet als HMRP geaccepteerd worden. Ze moeten volgens het EHR als aparte te verwerken batchen verwerkt worden en uitgekeurd worden per productiebatch:

  • puin van ongekende, verdachte oorsprong;

  • puin van brand;

  • puin van saneringen;

  • puin van verplichte, gedwongen afvoer;

  • puin van landfill mining.

Ook hierbij geldt dat de breker de vrachten puin niet mag aanvaarden waarvan kan uitgegaan worden dat na bewerking de bekomen gerecycleerde granulaten niet zullen voldoen aan het Vlarema. De breker blijft verantwoordelijk voor het puin dat hij accepteert. Hij kan bijgevolg enkel bovenvermelde vrachten aanvaarden als dit zuiver puin betreft.
Van deze stromen is het potentiële risico groot dat ze na het breken tot gerecycleerde granulaten niet zullen voldoen aan Vlarema. Dat is de reden waarom ze per te verwerken batch moeten verwerkt worden en per partij (max 1000 m³) moeten uitgekeurd worden.
In de praktijk zullen deze stromen veeleer naar een andere verwerker (reiniger of sorteerinrichting) worden afgevoerd.

Welke stromen mogen nooit aanvaard worden door een breker? (niet als LMRP en ook niet als HMRP)

Artikel 7.6.1.1, 2° van het eenheidsreglement geeft de opsomming van materialen die niet als LMRP of HMRP kunnen aanvaard worden en dus geweigerd dienen te worden door de breker:

 

Verwerken van puin - hinderaspecten

Bij het verwerken van puin, moet niet alleen gekeken worden of de bekomen gerecycleerde granulaten voldoen aan het Vlarema, maar ook dat het verwerken van het puin geen hinder veroorzaakt naar de omgeving. Dit laatste wordt geregeld via de VLAREM-wetgeving dat de milieuvoorwaarden geeft voor ingedeelde inrichtingen.
Voor de behandeling van afvalstoffen is een omgevingsvergunning nodig. In de omgevingsvergunning worden voor elke verwerker van puin algemene, sectorale en bijzondere voorwaarden opgelegd.

De OVAM adviseert dergelijke aanvragen aan het college van burgemeester en schepenen, de provinciale omgevingsvergunningscommissie of de gewestelijke omgevingscommissie. Naast de hinderaspecten (Vlarem) wordt hier ook nagegaan of de behandeling van afvalstoffen conform de wetgeving (Vlarema en het Materialendecreet) gebeurt en met de best beschikbare technieken (BBT).

Zo zal de OVAM bij de beoordeling van het aanvraagdossier nagaan of (indien van toepassing) de exploitant zich in orde zal stellen met het eenheidsreglement gerecycleerde granulaten (EHR) of het KBS voor puin van sorteerinrichtingen. Bij de advisering van de aanvraag zal ook veel aandacht gaan naar het gevoerde acceptatiebeleid.

Team bouw

Hebt u een vraag voor dit team? Stel ze hier:

Adres
Stationsstraat 110
2800 Mechelen
Route en bereikbaarheid